Maand: maart 2017

What has EU(rope) ever done for me?

What has EU(rope) ever done for me?

Het is vandaag 60 jaar geleden dat het verdrag van Rome is getekend. Met de ondertekening was de oprichting van de Europese Economische Gemeenschap(EEG) een feit. Dit verdrag was in feite een volgende stap na het verdrag van Parijs, 1951, dat de basis vormde voor de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal(EGKS). Voor de fijnproever heb ik boven een diagram met verschillende Europese samenwerkingen toegevoegd.

Het verdrag van Rome was een verdrag tussen zes landen te weten: België, Nederland, Luxemburg, West-Duitsland, Frankrijk en Italië. De kern van eigenlijk alle Europese samenwerkingen. Het basisidee achter dit verdrag was om economische samenwerking tussen de landen te optimaliseren, landbouwsubsidies te uniformeren en een douane-unie in te stellen. Daarnaast werd op hetzelfde moment, in een separaat verdrag, overigens ook Euratom opgericht.

Al deze verschillende ontwikkelingen en verdragen, en nog veel meer natuurlijk, leidden uiteindelijk tot de oprichting en uitbreiding van de Europese Unie zoals we die tegenwoordig kennen. En het zal u niet zijn ontgaan, er is nogal wat discussie over Europa en de EU. Twee totaal verschillende dingen overigens.

Europa is ons continent en gaat wat mij betreft veel meer om de landen en de mensen. De EU is de samenwerking die we met deze andere landen hebben opgetuigd. Europa is wat mij betreft dan ook niet de term die we moeten bezigen in dit soort discussies. De meeste mensen bedoelen de EU op het moment dat ze kritiek uiten. Waarom dit belangrijk is? Omdat woorden ertoe doen! Europeanen als mensen hebben doorgaans niet heel veel problemen met elkaar en vinden het vaak zelfs wel leuk om bij elkaar op vakantie te gaan en wat te handelen. Het zijn tenslotte toch onze, al dan niet directe, buren. Als er in het verleden al iets misging, ging dit doorgaans mis tussen koningen, regeringen of naties.

De EU, dat is een ander verhaal. De EU is een geheel van politieke en ambtelijke samenwerkingsverbanden die voor de gemiddelde inwoner van Europa nog slechter te doorgronden zijn dan de ministeries en politieke lagen in de eigen landen.

Daar ontstaan dan ook de problemen en de ellenlange discussies. Want heel veel van de dingen die Europeanen willen, een beetje vakantie vieren en een beetje handelen dus, probeert de EU te regelen. Daarvoor zijn wetten en regels nodig die voor de hele unie gelden. En daar heb je je probleem.

Voor wetten hebben we een volksvertegenwoordiging, parlement, en een uitvoerend orgaan, regering, nodig. In het Europees Parlement en de Europese Comissie hebben we die beiden, soort van in ieder geval. Doordat we in Europa echter ook vast willen houden aan onze natiestaten, is het erg lastig te doorgronden wie nou precies wat mag bepalen en hoe dat democratisch werkt. Want het parlement kan geen belastingen innen en dus ook geen eigenstandige begroting maken. Daarnaast wordt de Europese Commissie voorgesteld door de Raad van de Europese Unie(vergadering van ministers) en de beoogd voorzitter van de Europese Commissie en kan het parlement na hoorzittingen enkel akkoord of niet akkoord gaan met de voltallige commissie. Niet bepaald een ideaal democratisch plaatje natuurlijk.

Dan hebben we nog allerhande regels en wetten die voorgesteld en besloten worden door de Europese instellingen. Sommigen lijken in onze ogen bizar en bureaucratisch, anderen lijken gewoon niks toe te voegen. Bij al deze wetten geldt dat onze eigen regering, onder anderen via de Raad van de Europese Unie, Europees/nationaal parlement en eurocommissaris hier iets van hebben gevonden en uiteindelijk linksom of rechtsom, actief of passief, hebben ingestemd.

Betekent dit dat het dan per definitie goed of niet goed is? Nee, zeker niet. Het betekent dat het systeem anders, inzichtelijker en democratischer moet. Want Europeanen zijn doorgaans wel erg blij dat ze makkelijk bij elkaar op vakantie kunnen, wat kunnen werken, met euro’s op zak.

Maar wat heeft de EU/Europa nou ooit voor míj gedaan? De vraag komt, maar dan over de romeinen, uit de klassieke Monty Python film Life of Brian. Patrick Stewart heeft een ode aan deze sketch opgenomen in reactie op Theresa May die uit de Europese Conventie voor Mensenrechten wilde stappen.

De vraag blijft echter een goede en zeer persoonlijke vraag. Want om maar met de deur in huis te vallen, alles afwegende ben ik toch voorstander van de Europese Unie. Nee, ik wil geen federaal Europa en ik geloof ook niet in een Europees leger. Maar ik ben wel heel blij dat we een EU hebben.

Maar waarom ik dan toch blij ben met de EU? Laat ik beginnen met een lijstje open deuren:

Open grenzen, de euro, im- en exporteren, Europees BTW nummer, handel, democratie in Oost-Europa, Ontwikkelen van buurlanden van de EU, mensenrechten, stabiliteit en natuurlijk vrede. Ik kan nog even doorgaan met dit lijstje maar laten we het hier even bij houden. En natuurlijk, al deze individuele punten kunnen ook op een andere multilaterale manier worden geregeld. Maar ik vind het wel zo prettig dat we dit in een coherente set regels en wetten hebben weten te vatten.

Daarnaast is er nog een zeer persoonlijke reden dat ik de EU altijd iets positiever zal zien. Dankzij de EU heb ik mijn Deense verloofde leren kennen, dankzij de EU konden wij in de tijd dat wij met elkaar uitgingen makkelijk en zonder gedoe heen en weer reizen, dankzij de EU kon zij zich makkelijk in Nederland vestigen, dankzij de EU kon zij direct aan het werk en dankzij de EU zal ons huwelijk in ons beider landen zonder veel gedoe worden erkend.

Dus met uw welnemen, vier ik dit weekend 60 jaar verdrag van Rome een klein beetje mee met in mijn achterhoofd deze woorden van Margaret Thatcher: “My first guiding principle is this: willing and active co-operation between independent sovereign states is the best way to build a successful European Community.”

Advertenties
We zullen doorgaan

We zullen doorgaan

De afgelopen jaren hebben we nogal wat aanslagen mee moeten maken, zowel binnen als buiten de Europese Unie. De 22e herdachten we de aanslagen in Brussel. Aanslagen die voor velen van ons wel heel dicht bij huis kwamen. Terwijl ik dit schreef, werd mijn telefoon overigens helemaal gek van de breaking news meldingen in verband met de aanslag bij het Britse parlement.

Iedere aanslag doet altijd pijn, het verlies van, onschuldig, leven is iets dat per definitie naar is. Wat mij extra raakt, is dat ik door mijn activiteiten voor onder anderen de internationale jonge liberalen alsook de Europese liberalen in veel landen vrienden en bekenden heb. En ik kan dan ook zeggen dat er weinig frustrerender is dan het wachten op de facebook berichten dat iedereen weer veilig is.

Vorig jaar echter deed het extra pijn. Ik heb toen besloten niks te schrijven omdat de pijn nog zo vers en diep was. Een jaar later, dan moest ik dit gaan schrijven, en dat is dus vandaag.

Ik moet dit dus schrijven, ten dele om de mensen te herdenken en te steunen die niet alleen in Brussel maar ook bij al die andere aanslagen slachtoffer zijn geworden. Dat gaat dan niet enkel om mensen die zijn omgekomen of gewond zijn geraakt, het gaat ook om mensen die hierdoor hun veiligheidsgevoel zijn kwijt geraakt of mensen die hun vertrouwen in de mens hebben verloren. Maar vooral ook om al die vrienden en kennissen te laten weten dat ze allemaal iets voor mij betekenen, hoe groot of klein die betekenis soms ook lijkt.

Ik kan mij overigens nog goed mijn eerste kennismaking met terrorisme herinneren. Ik was twaalf jaar oud en ging met mijn vader naar London, mijn eerste vliegreis. Na aankomst in London, werd ik uit de rij gehaald om te worden gefouilleerd. Mijn vader legde uit dat dit was omdat de IRA dat jaar onder anderen een bomaanslag in Bishopsgate en in Warrington had gepleegd. Maar dat ik me vooral geen zorgen hoefde te maken. Ik geloofde hem natuurlijk.

En heel eerlijk, ik ben hem, in ieder geval op dit punt, blijven geloven. Want hoe verschrikkelijk terrorisme ook is, het mag mijn leven niet veranderen. En of terroristen nou politiek, gelovig of territoriaal gemotiveerd zijn, (angst voor) geweld mag en zal nooit mijn wereldbeeld beheersen.

Nu zult u zeggen; “Maar het geweld  beïnvloedt je al, je schrijft er zelfs over om het te delen met anderen.” En dat klopt gedeeltelijk natuurlijk. We kunnen niet ontkennen dat terrorisme onze wereld heeft veranderd. Dat doet het al heel erg lang helaas. Maar het gaat er uiteindelijk om hoe we met dit geweld omgaan. Ik geloof niet in het klakkeloos en te snel “iets” doen. Ik vind het belangrijk dat we de slachtoffers van aanslagen blijven herdenken maar minstens zo belangrijk dat we ons in ons dagelijks leven zo min mogelijk laten beïnvloeden door deze verschrikkelijke daden.

Vandaar ook dat ik dit stuk schrijf, ik vind het cruciaal dat we ons bewust zijn van de keuze voor vrijheid die we iedere dag zelf kunnen maken. Door ons niet bang te laten maken en door door te gaan met onze dagelijks dingen. Alleen op die manier is er een kans dat we als samenleving, en zelfs als wereld, verder kunnen komen.

Voor mij zijn de aanslagen dan ook geen brandstof voor angst geworden. In tegendeel, ze zijn een brandstof geworden voor vertrouwen in de mens. Want na iedere aanslag zien we dat de meeste mensen, in ieder geval voor even, samenkomen. Ik zal mij dan ook niet laten verteren door angst of zelfs haat voor “de ander”. Om het met de woorden van Shaffy te zeggen: “We zullen doorgaan”

Turkije onze “democratische” “vriend”

Turkije onze “democratische” “vriend”

U weet het, ik ben niet de grootste vriend van de huidige Turkse regering. Sterker nog, ik heb Erdogan een dictator, al dan niet met genocidale neigingen, maar ook een slim onderhandelaar en natuurlijk een geitenneuker genoemd.

Maar na dit weekend is het zo mogelijk nóg erger geworden. U heeft waarschijnlijk wel gelezen over de Turkse minister van buitenlandse zaken waarvan op het laatste moment de landingsrechten op Rotterdam werden ingetrokken. Vervolgens stuurde Turkije natuurlijk een andere minister die toch in Duitsland was, per auto naar Rotterdam als vervangster, die werd vervolgens tegengehouden bij het consulaat aldaar. Dit alles terwijl vanuit Ankara duidelijk werd gemaakt dat de Nederlandse ambassadeur voorlopig niet mag terugkeren naar Turkije en de consulaten en ambassade van Nederland gesloten moeten worden vanwege de veiligheid. En hiermee is dit verhaal natuurlijk nog lang niet klaar.

Laten we het eerst eens hebben over het hoe en waarom. Want op zich komen er vaker Turkse ministers naar Europa en natuurlijk ook naar Nederland. De reden van hun komst nu echter was het referendum dat binnenkort in Turkije gehouden gaat worden. De ministers wilden hier een speech houden waarin ze een ja stem voor het referendum sterk wilden aanbevelen bij mensen die hier wonen met stemrecht in Turkije.

Is dat dan een reden om deze bewindslieden te weigeren? Zeker als we ons beseffen dat Turkije een bevriende natie en NAVOlid is. In principe moet ieder individu in Nederland natuurlijk alles kunnen zeggen. De vrijheid van meningsuiting is voor mij een reusachtig goed dat enkel ingeperkt mag worden als de veiligheid en/of de vrijheid door iemands uitingen zeer ernstig in het geding komen. Het feit dat de persoon in kwestie een abjecte mening komt verkondigen, is, hoe laakbaar ook, voor mij geen reden hem of haar te weigeren. Het gaat heir echter om een andere situatie het gaat hier namelijk niet om de mening van een natuurlijk persoon maar evident en openlijk om de mening van een regering/een land. Het gaat dus niet zozeer om een mening als zodanig maar om propaganda en dat is al meteen een ander verhaal. En brengt ook een ander afwegingskader met zich mee wat mij betreft. Zeker als de te verkondigen mening de binnenlandse situatie evident stevig zal destabiliseren.

Maar terug naar de casus, gelukkig heeft onze minister-president een duidelijke verklaring op facebook geplaatst. De beslissing is dus genomen omdat Turkije, ondanks gesprekken om de veiligheid en stabiliteit van de samenleving te garanderen, openlijk probeerde de Nederlandse regering te chanteren. Niks meer, niks minder. Als vervolgens Erdogan ons land “nazi overblijfselen en fascisten noemt”, is voor mij de maat gewoon vol. Ik heb helemaal geen zin meer om met deze Turkse regering ook maar in enig internationaal verband samen te werken.

Een land dat bezig is te vervallen tot een dictatuur. Een land dat de wereld gegijzeld houdt in het vluchtelingendrama dat zich nog steeds afspeelt. Een land dat op grove wijze mensenrechten schendt. Een land dat journalisten en kritische geesten vastzet of laat omkomen. Een land dat het merendeel van zijn rechterlijke macht heeft ontslagen. Een land waar etnische minderheden structureel onderdrukt worden. En zo kunnen we nog wel even doorgaan. Als een land dat dusdanig door en door verrot is, het bestaat om ons vervolgens op een dusdanig grondige wijze te schofferen, dan moet dat land het ook maar lekker zelf uitzoeken. Ik ben een groot voorstander van een wereld met zo min mogelijk grenzen. Maar het lijkt mij uitstekend als we per direct een verzwaarde visumplicht met Turkije in gaan voeren, onze diplomaten voor onbepaalde tijd terugroepen, alle Turkse diplomaten per direct het land uitzetten, Turkije uit de NAVO zetten, stoppen met de onderhandelingen tussen de EU en Turkije en alle bilaterale verdragen annuleren.

Want het is echt genoeg geweest. Als een land ons op deze manier behandelt, na alle eerdere schermutselingen, dan moeten we alle banden met Turkije verbreken. Want met zulke vrienden heb je geen vijanden meer nodig.